Etiketteren
EU-GHS
Inhoud pagina: Etiketteren
Nadat een stof of mengsel is ingedeeld moet de leverancier de verpakking, als het in de handel wordt gebracht, voorzien van een etiket . Gebruikers van stoffen en mengsels zullen voor de belangrijke informatie over de gevaren van een stof of mengsel eerst het etiket raadplegen. Titel III van de verordening beschrijft in detail waaraan het etiket moet voldoen. Naast informatie over de gevaren en veiligheidsinformatie moet het etiket ook voldoen aan andere eisen.
Deze moet in ieder geval de volgende informatie bevatten:
- nominale hoeveelheid stof in de verpakking die aan het publiek wordt aangeboden
- gegevens over de leverancier (naam, adres, telefoonnummer)
- productidentificatie
- gevaarspictogram(men)
- signaalwoord
- gevarenaanduiding(en)
- veiligheidsaanbevelingen
- aanvullende informatie
Het etiket moet worden opgesteld in de officiële taal van de lidstaat waar de stof of het mengsel in de handel wordt gebracht, tenzij de lidstaat anders bepaald. Leveranciers mogen meerdere talen op het etiket gebruiken. Voorwaarde is dat de leverancier in alle gebruikte talen dezelfde gegevens vermeldt.
De kleur en vormgeving van het etiket zijn niet voorgeschreven. Wel moet het etiket zodanig zijn opgemaakt dat het gevarenpictogram duidelijk afsteekt. Alle communicatie-elementen moeten duidelijk en onuitwisbaar zijn aangebracht. De verordening schrijft in bijlage I voor gevaarlijke stoffen ook de afmetingen van het etiket voor. De afmetingen zijn in de tabel hieronder weergegeven.
Tabel : Afmeting van het etiket (bijlage I, sectie 1.2.1.3)
| Inhoud van de verpakking | Afmetingen (in mm) |
| Niet meer dan 3 liter: | zo mogelijk ten minste 52 x 74 |
| Meer dan 3 liter, maar niet meer dan 50 liter: | ten minste 74 x 105 |
| Meer dan 50 liter, maar niet meer dan 500 liter: | ten minste 105 x 148 |
| Meer dan 500 liter: | ten minste 148 x 210 |
Titel III en bijlage I, sectie1.3 tot 1.5 en bijlage II, deel 1 en 2 bevatten de voorschriften over het etiketteren van gevaarlijke stoffen.
Bij iedere indeling hoort een bepaalde etikettering, die bestaat uit:
- Signaalwoorden
- Gevarenaanduidingen en voorzorgsmaatregelen
- Een of meerdere pictogrammen
- Overige informatie
Signaalwoorden
EU-GHS introduceert het signaalwoord 'gevaar' (danger) en 'waarschuwing' (warning). De signaalwoorden worden afzonderlijk van elkaar gebruikt. Als het signaalwoord ‘gevaar' op het etiket staat, wordt het signaalwoord ‘waarschuwing' niet vermeld.
Gevarenaanduiding en voorzorgsmaatregelen
De R(isk)- en S(afety)-zinnen van de Stoffenrichtlijn vervallen per 1 juni 2015. EU-GHS gebruikt H(azard)- en P(recautionnary)-zinnen (gevarenaanduiding en voorzorgsmaatregelen). Deze zinnen zijn opgenomen in respectievelijk bijlage III en bijlage IV van de verordening.
Voorbeelden gevarenaanduiding:
- H271: Kan brand of ontploffingen veroorzaken; sterk oxiderend
- H318: Veroorzaakt ernstig oogletsel
- H410: Zeer giftig voor in het water levende organismen, met langdurige gevolgen
Voorbeelden voorzorgsmaatregelen:
- P102: Buiten bereik van kinderen houden
- P211: Niet in open vuur of op andere ontstekingsbronnen spuiten
- P336: Bevroren lichaamsdelen met lauw water ontdooien. Niet wrijven
De verordening bevat ook criteria voor gevaarseigenschappen (bijvoorbeeld voor bepaalde fysisch- of milieugevaren) die momenteel niet in VN-GHS zijn opgenomen en waarvoor aanvullende gevarenaanduidingen nodig zijn. Daarom is de tekst van enkele R-zinnen uit de Stoffenrichtlijn en enkele 'preparatenzinnen' uit de Preparatenrichtlijn in de verordening opgenomen als ‘EUH-aanduidingen'. Bijlage II van de verordening beschrijft wanneer de EUH-zinnen vermeld moeten worden.
Voorbeeld EUH-aanduiding:
- EUH014: Reageert heftig met water
- EUH066: Herhaalde blootstelling kan een droge of een gebarsten huid veroorzaken
- EUH071: Bijtend voor de luchtwegen
Pictogrammen
EU-GHS introduceert nieuwe pictogrammen. Aangezien de indelingssystematiek ook is veranderd is het niet mogelijk een omzetting te geven van het huidige EU pictogram naar het GHS pictogram. Via de indeling van de stof in de EU-GHS systematiek wordt ook het bijbehorende pictogram duidelijk. De gevarenpictogrammen moeten de vorm hebben van een vierkant op zijn punt. Elk gevarenpictogram moet tenminste 1/15 deel van het oppervlak beslaan en een oppervlak hebben van minimaal 1 cm2.
Let op: stoffen en mengsels moeten dus opnieuw worden beoordeeld aan de hand van de criteria in bijlage I voordat een nieuwe pictogram op het etiket wordt geplaatst.
Er worden drie nieuwe pictogrammen geïntroduceerd voor levering en gebruik:
![]() | Dit nieuwe pictogram wordt bijvoorbeeld gebruikt voor de gezondheidsgevaren van schadelijke of irriterende stoffen en mengsels. |
|---|---|
![]() | Dit nieuwe pictogram wordt bijvoorbeeld gebruikt voor gezondheidsgevaren van stoffen en mengsels die bijvoorbeeld (verdacht) kankerverwekkend, mutageen en/of giftig voor de voortplanting (reprotoxisch) zijn. |
![]() | Dit pictogram wordt gebruikt voor gassen onder druk. |
De ‘oud-nieuw' tabel bevat een overzicht van alle pictogrammen in EU-GHS. Deze zijn vastgelegd in bijlage V van de verordening. De EU pictogrammen uit de Stoffenrichtlijn kunnen niet direct worden omgezet in de GHS pictogrammen. Dit laatste wordt pas duidelijk na indeling van de stoffen en mengsels met de EU-GHS systematiek.



